|
Zuur-base evenwicht Ons bloed is van nature licht basisch en het lichaam zal ook altijd proberen dit zo te houden. Een overschot aan zuren levert
moeilijkheden op, omdat zij alleen door basen onschadelijk
kunnen worden gemaakt. Te veel basen geven geen problemen, omdat zij zich
binden met koolzuur wat in de longen geproduceerd wordt en wat normaal uit
geademd wordt. Een zuuroverschot in de voeding is een stimulans voor vrije radicalen met als mogelijk gevolg allerlei ziektes zoals: reuma, jicht, botontkalking, vermoeidheid, hart- en vaatziektes, nierproblemen, diabetes, huidproblemen en zelfs een grotere vatbaarheid voor infectieziekten. De nieren zijn verantwoordelijk voor de vochtbalans en het zuur-base evenwicht in het lichaam. Bij teveel zuur zal het daarvoor calcium en magnesium uit de botten gebruiken en worden spieren afgebroken om ammonia te maken wat gebruikt wordt. Langdurig overschot aan zuren leidt tot dunnere botten en minder spiermassa en tekorten aan calcium en magnesium. Tekorten aan magnesium kunnen weer leiden tot spierkrampen, hartritmestoornissen en onrust. Een hoog gehalte aan urinezuur in het bloed is deels aangeboren en erfelijk bepaald. Een stijging kan in de hand gewerkt worden door bepaalde geneesmiddelen (vb. plaspillen), bepaalde ziekten of purinerijke voeding. Voorbeelden van purinerijke voeding zijn orgaanvlees, vis, schaaldieren, gevogelte, linzen en alcohol. Een daling kan door veel drinken, calciumrijke voeding en foliumzuur (verhindert vorming xanthine oxidase, een enzym dat verantwoordelijk is voor urinezuur vorming).
In het lichaam blijft na het verteren van voedsel altijd een zure of een basische "rest" over.
Zo zorgen voedingsmiddelen zoals vlees, vis, brood, boter, kaas en eieren met als uitschieters dierlijke vetten na de verbranding voor een zuuroverschot in het lichaam. Koffie, zwarte thee, alcohol en suiker zijn bijzonder
zuurvormend. Geraffineerde producten, die over
het algemeen (bijna) geen mineralen meer bevatten, zijn ook sterk
zuurvormend. Ook melk en zuivelproducten werken zuurvormend.
Aardappelen, groenten en fruit, met als uitschieters grauwe
erwten, sojabonen, rammenas, spinazie, abrikozen, rozijnen en gedroogde
vijgen veroorzaken daarentegen een
basenoverschot. Alhoewel bepaald fruit zoals o.m. sinaasappels, citroenen, grapefruits en
tomaten op zich zuur zijn maar in het lichaam werken ze toch basisch.
Voedingsmiddelen die overwegend "metalen" zoals kalium,
natrium, calcium,
magnesium
en/of ijzer bevatten zijn over het algemeen basenvormend,
voedingsmiddelen die de
niet-metalen fosfor, chloor en/of zwavel bevatten zuurvormend zijn.
De ideale voeding bevat een basenoverschot met minimaal 2 maal meer basenvormende dan zuurvormende voedingsmiddelen. Sommige zuurvormende
producten kunnen toch heel gezond zijn, zoals bijvoorbeeld
zilvervliesrijst. Het gaat erom de voeding zodanig samen te stellen dat er
uiteindelijk een basenoverschot ontstaat.
|
|
|
|